dinsdag 17 maart 2015

Gemiddelde van Provinciale Staten/Eerste Kamerpeilingen bij de NOS

Vandaag presenteert de NOS een (bijgewerkt) gemiddelde van vijf recente peilingen voor de Provinciale Staten/Eerste Kamer. Voor dit gemiddelde is gebruik gemaakt van de peilingen van: Ipsos/Politieke Barometer, I&O Research, De Stemming, TNS NIPO en Peil.nl.

De aanpak is anders dan bij de Peilingwijzer voor de Tweede Kamerverkiezingen, omdat we veel minder peilingen beschikbaar hebben. Daarom is het onmogelijk om huiseffecten (betrouwbaar) te berekenen en om het verloop over tijd goed te laten zien, zoals in de Peilingwijzer gebeurt. De gepresenteerde cijfers vormen dus simpelweg het gemiddelde van de percentages van de vijf afzonderlijke peilingen, omgerekend naar Eerste Kamerzetels. Dit is dezelfde aanpak als eerder voor Nieuwsuur.

Voor alle peilers is uitgegaan van het gerapporteerde percentage; De Politieke Barometer/Ipsos en De Stemming/EenVandaag hebben dit op verzoek toegestuurd. Bij I&O Research en TNS NIPO stond dit percentage al vermeld in de rapportage. Peil.nl (Maurice de Hond) presenteerde zondag een gedetailleerde verwachting per provincie, welke is omgerekend naar het verwachte percentage stemmen bij de Eerste Kamerverkiezingen. Van deze vijf percentages is per partij het gemiddelde berekend, welk vervolgens is omgezet naar Eerste Kamerzetels. 

Peilen voor Provinciale Staten is lastiger dan voor de Tweede Kamer, aangezien de opkomst doorgaans lager is en het gaat om twaalf afzonderlijke provincies gaat die vervolgens de Eerste Kamer verkiezingen. Daarom is het belangrijk om het volgende in het achterhoofd te houden:
  • Dit is een gemiddelde van peilingen, geen prognose. Als kiezers van mening veranderen, zal het beeld nog veranderen. Bij een aantal peilingen zien we nog steeds aanzienlijke groepen kiezers die nog niet zeggen te weten wat ze gaan stemmen.
  • Vanwege het getrapte kiessysteem voor de Eerste Kamer en vanwege de invloed van de opkomstbereidheid op de uiteindelijke uitslag, dienen we voor de grotere partijen een marge van zo’n +/- 2 zetels aan te houden en voor kleinere partijen minimaal +/- 1 zetel. Dat zien we ook terug in de uiteenlopende schattingen voor sommige partijen in afzonderlijke peilingen. De foutmarge geldt ook voor het totaal van Coalitie + C3. Anders dan bij de reguliere Peilingwijzer kan deze foutmarge niet precies worden berekend, maar de hier genoemde getallen gelden als vuistregel.